Blogserie Restauratie & Uitbreiding: deel 3

Achter de schermen: Prosper de Jong, Junior-conservator Kunstnijverheid

Juni 2014

Museum De Lakenhal werkt toe naar 2017. In dat jaar opent het compleet gerestaureerde en vernieuwde museumgebouw: nog altijd klassiek en monumentaal, maar met meer comfort voor publiek en de museumpraktijk. Kortom: een toekomstbestendig museum. In de tussenliggende tijd houden wij u via dit blog graag op de hoogte van de ontwikkelingen. Vandaag deel 3 in een langlopende serie over de Restauratie & Uitbreiding van Museum De Lakenhal.

Aard- en nagelvaste collectie

Museum De Lakenhal huist in een monumentaal pand: de oude Laecken-Halle die werd geopend in 1642. In het pand zijn door de eeuwen heen veel aanpassingen gedaan, delen bijgebouwd en bouwelementen ingemetseld. Hoe ga je tijdens een restauratie om met al die tijdlagen? In het hele museum zijn elementen als trappen, plaquettes en gevelstenen onlosmakelijk verbonden geraakt met het museum. Het totaalpakket, inclusief de ’aard- en nagelvaste collectie’ wordt vanaf medio 2015 grondig en duurzaam gerestaureerd. Prosper de Jong, Junior-conservator Kunstnijverheid brengt de verschillende tijdlagen, restauraties en bouwelementen nu in kaart, als aanvulling op een eerder onderzoek door bouwhistoricus Paula van der Heiden. Welke wijzigingen zijn in de loop van de geschiedenis doorgevoerd, waarom werd hiertoe besloten en wat kunnen we daarmee in het heden? In dit voorbereidende onderzoek komen regelmatig interessante zaken aan het licht. Stof tot nadenken voor de restauratiearchitecten Julian Harrap Architects (JHA)

Originele elementen
Prosper de Jong: Waar we eerder dachten dat later toegevoegde bouwelementen vrij willekeurig in het museum terecht zijn gekomen, blijkt nu dat dit vaak juist heel berekenend gebeurde. Zo zijn het trappenhuis en de daarbinnen gevatte 
Gravenramen precies op elkaar afgestemd, zo staat te lezen in notulen van de ‘Commissie van het Stedelijk Museum’ uit 1870. Hetzelfde geldt voor het beeldhouwwerk in het timpaan van de Papevleugel, de uitbreiding van 1921. Dit driehoekige reliëf kwam uit het gebouw op Haarlemmerstraat 73, werd vervolgens ondergebracht in het museum, zo getuigt een foto uit 1913, om vanaf 1921 te prijken aan de gevel van Museum De Lakenhal. Anders dan lukrake inmetselingen, werd het gebouw daadwerkelijk berekend werd op deze elementen. Daarmee vormen zij een waardevolle museumtijdlaag om rekening mee te houden tijdens de restauratie. 

image

Foto uit 1913: het reliëf dat in 1922 geplaatst zou worden in het timpaan van de nieuwe Papevleugel bevond zich al in het museum.

image

Papevleugel uit 1921 met het ingemetselde reliëf in het timpaan, rechts in beeld.

Staalmeesterskamer
In het hart van de oude Lakenhal, rondom de Grote Pers, bevinden zich de originele ruimtes waar het Leids laken werd gekeurd en verhandeld. In de Staalmeesterskamer bevindt zich een boogvormig portret van de Staalmeesters. Op een foto uit 1894 valt echter te zien dat hetzelfde portret ineens rechthoekig is! Het is bovendien uit de context van de Staalmeesterskamer tentoongesteld. Welke vorm is origineel? En naar welke zijde hoort het schilderij te wijzen? Op een foto uit 1934 is het portret namelijk naar de andere kant gericht. 

image

Staalmeesterskamer anno nu. Het portret is naar binnen gericht.  

image

Gezicht op de Staalmeesterskamer in 1934. Het portret is naar buiten gericht. 

image

Portret van de Staalmeesters in 1894 (achtergrond) in rechthoekige lijst. 

Op naar 2017
In de opmars naar de heropening in 2017 zal nog veel onderzoek volgen. Het eindresultaat levert een eigentijds resultaat op, met oog voor de woelige geschiedenis van het bijzondere gebouw van Museum De Lakenhal. 

Meer te weten komen over de oude Laecken-Halle? Lees dit verhaal op de museumwebsite!

SPELEN IN DE STAD

Digitale innovatie. Dat was eind 2012 de uitdaging die het SNS REAAL Fonds meegaf aan 13 geselecteerde musea en andere erfgoedorganisaties. Hoe kun je op een nieuwe manier verhalen vertellen? Deze opdracht paste precies bij het voornemen van Museum De Lakenhal om het vergeten verhaal van ‘Zeven eeuwen Leids laken’ weer onder de aandacht van het publiek te brengen. Niet alleen binnen de muren van het museum, maar ook daarbuiten. Een interactieve familiegame in de historische binnenstad van Leiden is het resultaat. 

Musea en games
Mensen van alle leeftijden houden van spelen. Games zijn dan ook een uitgelezen medium om op een lichtvoetige manier informatie mee te geven. Museum De Lakenhal nam de ontwerpers van devrijervandongen in de arm om samen te onderzoeken in welke vorm de lakengeschiedenis gegoten zou moeten worden om de gewenste doelgroep te bereiken: kinderen met (groot)ouders, niet alleen uit Leiden, maar ook van daarbuiten.


Samen spelen
Een game-app met de titel ‘Hoe het laken uit Leiden verdween’ is het resultaat. Om de geschiedenis tot leven te brengen is het Leidse PS | theater bij de productie betrokken. Zij zijn in de huid gekropen van de historische personages die de spelers van de App leiden naar het antwoord op de vraag ‘Hoe het laken uit Leiden verdween’. Een arbeider, de koopman en keurmeester vertellen je hoe het in verschillende eeuwen – in goede en in slechte tijden - was om te werken in de Leidse lakenindustrie. Beantwoord de vragen en ontrafel samen het mysterie over ‘Hoe het laken uit Leiden verdween.’

schetsontwerp app detailschetsontwerp app detail 2

Iets meer over Leids laken
Lang niet iedereen weet nog wat laken is (niet datgene waar je onder slaapt, maar een stevige wollen stof), of hoe plekken in de stad nog altijd verhalen vertellen over deze belangrijke episode in de Leidse geschiedenis. Op iedere straathoek zijn nog sporen terug te vinden. Allereerst is daar natuurlijk de oude Laecken-Halle, maar ook voormalige fabrieken, statige koopmanshuizen en kleine wevershuisjes. Leiden was in de Gouden Eeuw dankzij de lakenhandel zelfs even de grootste stad van de Republiek, na Amsterdam!

Lancering van de App
In de eerste week van mei wordt in het museum uitgebreid stilgestaan bij de geschiedenis van zeven eeuwen lakennijverheid. Tijdens deze feestweek wordt ook de App gelanceerd. Een spannend moment! Vanaf dan is de app gratis te downloaden in de App Store en via de Google Playstore.

The power of Play
Studium Generale, het openbare lezingenprogramma van de Universiteit Leiden, wijdt een lezingenreeks aan games: The power of Play. Op donderdag 22 mei 2014 wordt de reeks afgesloten met een ‘Playful inspiration night’. Museum De Lakenhal demonstreert haar gloednieuwe game daar aan het aanwezige publiek. Locatie: Scheltema Leiden.

Blogserie RESTAURATIE & UITBREIDING: Deel 2

Even voorstellen: Julian Harrap Architects

Museum De Lakenhal werkt toe naar 2017. In dat jaar opent het compleet gerestaureerde en vernieuwde museumgebouw: nog altijd klassiek en monumentaal, maar met meer comfort voor publiek en de museumpraktijk. Kortom: een toekomstbestendig museum. In de tussenliggende tijd houden wij u via dit blog graag op de hoogte van de ontwikkelingen. Vandaag deel 2 in een langlopende serie over de Restauratie & Uitbreiding van Museum De Lakenhal.

Architectencombinatie
De Restauratie & Uitbreiding van de monumentale Laecken-Halle uit 1642 is een veelomvattend project. Daarom is gekozen voor een combinatie van restauratie- én nieuwbouwarchitecten. In oktober 2013 is bekend gemaakt dat de geselecteerde combinatie bestaat uit het gerenommeerde restauratiearchitectenbureau Julian Harrap Architects (London) en voor de nieuwbouw het jonge Happel Cornelisse Verhoeven Architecten (Rotterdam): een gouden combinatie. Vandaag meer over de restauratiearchitecten.

Julian Harrap Architects
'The ability to design historic building transformations without sacrificing significance ‘, ofwel: het transformeren van historische gebouwen, zonder dat het originele monument daarbij aan belang inboet. Dat is één van de kernwaarden van Julian Harrap Architects (JHA). Het gaat daarbij om belang voor de directe omgeving en het weefsel van de stad, maar voor de geschiedenis. De bijzondere status van de Laecken-Halle, de 370 jaar oude keurhal van lakense stoffen in Leiden, moet voor de toekomst worden veiliggesteld. Dat JHA hierin al vaak geslaagd is, blijkt wel uit de verschillende prijzen die zij hebben gewonnen voor prestigieuze bouwprojecten, zoals het Neues Museum in Berlijn. 

Nieuwe trappenhuis in het Neues Museum in Berlijn Foto © ute zscharnt Image courtesy David Chipperfield Architects

Nieuwe trappenhuis in het Neues Museum in Berlijn
Foto © ute zscharnt
Image courtesy David Chipperfield Architects


Restauratie van de Laecken-Halle
Het gebouw van Museum De Lakenhal, waarin ooit duizenden meters Leids laken werden gekeurd, heeft een complexe geschiedenis. De karakteristieke gevel is een oriëntatiepunt in de stad. Sinds het gebouw in 1874 een museumfunctie kreeg is het meermaals verbouwd en uitgebreid. Er werden daarnaast talloze haardschouwen, gedenkstenen, tegels en complete interieurs in het stedelijk museum ondergebracht. Deze zogenaamde aard- en nagelvaste collectie is compleet versmolten geraakt met het gebouw. Aan JHA de taak om dit totaalpakket hoogwaardig te restaureren en te integreren met de uitbreidingsmodule die architecten HappelCornelisseVerhoeven ontwerpen. Hoe kijk JHA zelf aan tegen de restauratie van Museum De Lakenhal?

Wat maakte dat JHA ‘ja’ zei tegen de restauratie van de oude Laecken-Halle?
'De vele lagen en rijke geschiedenis van het gebouw zijn fascinerend en de wijze waarop de brede museumcollectie is vergroeid met het gebouw inspireerde ons in het bijzonder. Er zijn opvallende overeenkomsten met ons werk aan het Sir John Soane’s Museum, waar de grens tussen gebouw en collectie eveneens ongedefinieerd is. Daarnaast klonk een samenwerking met HappelCornelisseVerhoeven ons als muziek in de oren. Wat zij hebben gedaan met het Noord Hollands Archief is geweldig. We zijn ervan overtuigd dat dit team de originele Laecken-Halle van architect Arent van ‘s-Gravensande waardig onder handen kan nemen.’

Wat zien jullie als de grootste uitdaging binnen het project?
'Eenheid aanbrengen in de veelheid van de bestaande bouwlagen en daaruit daadwerkelijke Architectuur laten doen ontstaan. Het museum is een optelsom van afzonderlijke bouwvolumes, ieder met een uniek karakter. Wij zien het als onze taak om die diversiteit te vieren, terwijl we ondertussen onderlinge samenhang aanbrengen.'

Waarop verwachten jullie na afloop met de meeste trots terug te kunnen kijken?
Allereerst om onderdeel uit te hebben gemaakt van een bijzonder en eerbiedwaardig project. Daarnaast op een succesvol behoud van het originele karakter van het gebouw.’

Welk gevoel zou een historisch gebouw aan moderne bezoekers over moeten kunnen dragen? En wat doet JHA met dat gevoel? En: wat kan JHA garanderen aan diegenen die bijzonder gehecht zijn aan het gebouw van Museum De Lakenhal? 
'Wij vinden het belangrijk dat bezoekers van een historisch gebouw de geschiedenis aan den lijve ondervinden. Idealiter moeten zij het gebouw bovendien meteen 'snappen', ook de bezoekers die niet regelmatig in een museumgebouw komen. Zeker in zo'n complex gebouw als dat van Museum De Lakenhal, is het belangrijk dat bezoekers zich gemakkelijk kunnen oriënteren, zowel fysiek - waar bevind ik me ten opzichte van de ingang? - als in de context van de geschiedenis. Daarmee bedoelen we dat een bezoeker in bijvoorbeeld de Gouverneurs- of Staalmeesterskamer, niet afgeleid mag worden door hedendaagse bouwelementen, zodat zij het gevoel hebben daadwerkelijk in een ruimte uit de jaren 1640 staan.

Helaas is bijna geen enkel historisch gebouw compleet origineel geconserveerd. Ze hebben allerlei reparaties en renovaties ondergaan en het valt dan ook te betwisten of er überhaupt nog gebouwen bestaan die zo’n oprechte historische sensatie teweeg kunnen brengen. Dat geldt ook voor het Sir John Soane’s Museum. Het gebouw ziet er nog ruwweg uit zoals toen Soane het naliet in 1837, maar van dichtbij zijn de sporen van achtereenvolgende conservatoren goed te zien.  Wij vinden dat restauratiewerk de originele staat nooit zou moeten overschaduwen. Het liefst moet het eigenlijk zelfs compleet onzichtbaar zijn.

De oude Laecken-Halle had als keurhal een specifieke functie en is in die zin dan ook vooral een praktisch gebouw. De buitenkant heeft het uiterlijk van een stadspaleis, de binnenkant is opvallend sober en van een ‘nobele eenvoud’. Door de eeuwen heen zijn verschillende restauraties en ingrijpende verbouwingen doorgevoerd. Het is de hoogste tijd voor een herinterpretatie van die bouwgeschiedenis. Het is ons streven om een selectie te maken uit de elementen die de originele sfeer en beleving van het gebouw het beste vertegenwoordigen en juist díe van extra zeggingskracht te voorzien.’

Video’s over de restauratie van het Neues Museum, Berlijn

Neues Museum on Vimeo

Tour door het Neues Museum, Berlijn.


 

Harrap _ Neues Museum_ YouTube

Julian Harrap over het Neues Museum, Berlijn.

Blogserie RESTAURATIE & UITBREIDING: Deel 1

Even voorstellen: Happel Cornelisse Verhoeven Architecten

Museum De Lakenhal werkt toe naar 2017. In dat jaar opent het compleet gerestaureerde en vernieuwde gebouw: nog altijd klassiek en monumentaal, maar met meer comfort voor publiek en de museumpraktijk. Kortom: een toekomstbestendig museum. In de tussenliggende tijd houden wij u via dit blog graag op de hoogte van de ontwikkelingen. Vandaag deel 1 in een langlopende serie over de restauratie & uitbreiding van Museum De Lakenhal.

De restauratie & uitbreiding van de monumentale Laecken-Halle uit 1642 is een veelomvattend project. Daarom is gekozen voor een combinatie van restauratie- en nieuwbouwarchitecten. In oktober 2013 is bekend gemaakt dat de geselecteerde combinatie bestaat uit het gerenommeerde restauratiearchitectenbureau Julian Harrap Architects (London) en voor de nieuwbouw het jonge Happel Cornelisse Verhoeven Architecten (Rotterdam): een gouden combinatie. Vandaag meer over nieuwbouwarchitecten.

Bekendmaking architectenselectie en onthulling van de maquette.

Bekendmaking architectenselectie en onthulling van de maquette.

Happel Cornelisse Verhoeven Architecten
Happel Cornelisse Verhoeven Architecten (HCVA) houdt kantoor in Depot Noord in Rotterdam: een oude bakkersfabriek, omgetoverd tot kantoorruimte voor meerdere bedrijven.


Depot Noord, Willebrordusstraat Rotterdam

Depot Noord, Willebrordusstraat Rotterdam

Aan het hoofd van het HCVA staan Ninke Happel, Floris Cornelisse en Paul Verhoeven. Veel lof oogstten zij voor hun werk aan het nieuwe Noord-Hollands Archief in Haarlem. Deze week hebben zij bovendien te horen gekregen dat het bureau genomineerd is voor de Architect van het Jaar Prijs 2013. Klik hier voor meer informatie over achtergronden en een profielschets van het bureau.

Een heldere handtekening
Een bezoek aan het hoofdkwartier maakt duidelijk dat HCVA een heldere handtekening heeft. De verzameling schetsen van lopende bouw- en ontwerpprojecten en maquettes, waaronder die van Museum De Lakenhal, vertonen opvallende gelijkenissen. Ninke Happel stelt dan ook dat het bureau werkt vanuit een oprechte visie. Nieuwe architectuur moet zich voegen naar zijn omgeving en het stadsbeeld. Daarbij mag een architect best bescheiden zijn, aldus Happel.

HCVA aan het werk

HCVA aan het werk

Nobele eenvoud
HCVA heeft diepgaand onderzoek verricht naar het historische weefsel van Leiden en de directe omgeving van Museum De Lakenhal. De historische Laecken-Halle is door Arent van ’s-Gravesande dan wel gebouwd als een spectaculair classicistisch stadspaleis, het was tegelijkertijd een praktische werkplek. Dat originele karakter van de originele Lakenhal, de keurhal van lakense stoffen, wil HCVA weer terugbrengen. ‘Nobele eenvoud’, zo concludeert Happel ter plekke, en: ‘Dat het museum beschikt over zo’n mooie historische entree mag veel duidelijker gevierd worden!’

Een overzicht van enkele maquettes van HVCA.

Een overzicht van enkele maquettes van HVCA.

Een nieuwe maquette van Museum De Lakenhal in de maak.

Een nieuwe maquette van Museum De Lakenhal in de maak.

De maquette van Museum De Lakenhal. Te zien op het voorplein van het museum.

De maquette van Museum De Lakenhal. Te zien op het voorplein van het museum.

Toekomstvisie
Wat is de ervaring van de bezoeker in 2017, naast het DNA van de originele Laecken-Halle? ‘Vooral: oriëntatie. De verschillende uitbreidingen van het gebouw zijn in de loop der tijd dusdanig met elkaar versmolten geraakt, dat navigeren in het gebouw lastig is. Dat is in 2017 opgelost: het is steeds compleet helder in welk gedeelte van het museum de bezoeker zich bevindt. Juist de zichtbare verschillen tussen de tijdlagen in het gebouw gaan daaraan bijdragen.’

Restauratie
De zorg voor de originele onderdelen van het monument ligt in handen van Julian Harrap Architects: het Europese neusje van de zalm op het gebied van restauratiearchitectuur. De opzienbarende restauratie van het Neues Museum in Berlijn (i.s.m. architect David Chipperfield Architects) heeft het bureau definitief op de kaart gezet. Meer over de restauratiearchitecten en de invulling van de samenwerking volgt in het volgende blog.

N.B.Woensdag 27 november 2013 spreekt Ninke Happel van HCVA bij het Rijnlands Architectuur Centrum (RAP Leiden) over de aanbestedingsprocedure van het project Restauratie & Uitbreiding van Museum De Lakenhal.

In het kader van: inspireren, verbinden, vernieuwen

De reikwijdte van Museum De Lakenhal strekt verder dan de museummuren. In het verlengde van de kernwaarden INSPIREREN, VERBINDEN, VERNIEUWEN draagt het museum verantwoordelijkheid voor projecten als de Kunstroute, Utopisch Nest en dit jaar ook de tentoonstelling van Leidse kunstenaars in De Meelfabriek. Het is als hét kunstmuseum van de stad niet alleen broodnodig om een vinger aan de pols van het Leidse kunstklimaat te houden, het is vooral heel erg de moeite waard. Zo kocht het museum laatst een werk van Leidse kunstenaar Izaak Zwartjes aan. Tijd voor een gesprek met Resi van der Ploeg: als projectleider van de Kunstroute en Utopisch Nest een ‘satelliet-medewerker’ van Museum De Lakenhal.

Kunstroute 2013. Foto: Floren van Olden

Kunstroute 2013. Foto: Floren van Olden

Resi, wie ben jij?
‘Ik ben kunstenaar met een atelier op Haagweg 4. Omdat ik mezelf niet wil opsluiten in een atelier, maar de creatieve sector van Leiden juist binnenstebuiten wil keren en mensen met elkaar wil verbinden, organiseer ik sinds 2012 de Kunstroute. Dat kwam niet helemaal uit de lucht vallen, gezien ik sinds 2008 o.a. ook al artistiek leider van Scheltema ben geweest, samen met  Paul Koek van muziektheaterensemble De Veenfabriek. Daaruit is dan weer de samenwerking met Museum De Lakenhal voortgekomen. Onder de titel ‘Utopisch Nest’ zoeken De Veenfabriek en Museum De Lakenhal kruisbestuivingen op tussen met name beeldend kunstenaars, wetenschappers en theatermakers. Daaruit zijn in de afgelopen jaren hele avontuurlijke projecten voortgekomen. Ieder jaar heeft een overkoepelend thema en als projectleider organiseer ik projecten en activiteiten onder de bezielende leiding van Paul Koek en Meta Knol die als curatoren de geschikte kunstenaars aandragen. Vorig jaar bijvoorbeeld componeerde Anke Brouwer een muziekfilm bij de tentoonstelling van toverlantaarnplaatjes in Museum De Lakenhal, strooide Martijn Engelbregt zijn project ‘Niets is Genoeg’ uit over de stad en organiseerde Kunstenaar Jonas Staal  een versie van zijn provocatieve ‘New World Summit’ bijeenkomsten in Leiden.

Dit jaar beleefde de Kunstroute haar 19de editie. Hoe is het ooit begonnen?
‘De eerste editie werd in 1994 georganiseerd door kunstenaar Frank Kappé, in de toen net gekraakte atelierruimte Haagweg 4. Al meteen was het een doorslaand succes en het Centrum Beeldende Kunst Leiden (CBK) nam in de jaren daarop de organisatie over om het evenement een bredere basis te bieden. Toen het CBK in 2005 werd opgeheven nam Museum De Lakenhal niet alleen personeel, maar ook kennis en ambitie over van dit instituut, inclusief de organisatie van de Kunstroute. Sinds vorig jaar neem ik die taak namens het museum voor mijn rekening. Dit jaar bezochten zo’n 7000 mensen van binnen en buiten Leiden de Kunstroute: een topjaar! Volgend jaar vieren we het 20-jarig jubileum hopelijk met minstens evenveel enthousiaste bezoekers.’

Kunstroute 2013. Foto: Floren van Olden

Kunstroute 2013. Foto: Floren van Olden

Kunstroute 2013. Foto: Floren van Olden

Kunstroute 2013. Foto: Floren van Olden

Is na de opheffing van het CBK nog wel genoeg ruimte voor hedendaagse kunst in Leiden?
‘Jazeker. Toen het CBK ophield te bestaan begon het museum met ‘De Lakenhal in Scheltema’: vernieuwende tentoonstellingen met hedendaagse kunstenaars. Projectleider Nicole Roepers (nu conservator Actuele kunst in Museum De Lakenhal, red.) heeft daar o.a. in samenwerking met De Veenfabriek en de universiteit Leiden echt geweldige dingen gedaan: ongekend voor een kleine stad als Leiden!  Helaas kan Museum De Lakenhal nu geen tentoonstellingen op permanente basis meer programmeren in het Scheltema-complex. Gelukkig zijn er veel andere positieve ontwikkelingen. Ik merk bijvoorbeeld een instroom van jonge afgestudeerde kunstenaars van de academies in Den Haag en Amsterdam. En ook de samenwerkingen die op het gebied van educatie doorgevoerd worden, zoals de interfactulteit ArtScience: een tweejarig research-traject voor onderzoekende kunstenaars. Perfect voor Leiden, dat zich immers profileert als stad van kunst en kennis. Meer tentoonstellingsruimte voor actuele beeldende kunst zou echter wel heel wenselijk zijn. Daarom vond ik de tentoonstelling in De Meelfabriek ook zo’n gaaf initiatief.’

Werk van Casper Faassen op de Nacht van Kunst & Kennis 2013.

Werk van Casper Faassen op de Nacht van Kunst & Kennis 2013.

De kick-off van de Kunstroute werd dit jaar officieel tot Industry Day bestempeld. Wat houdt dit in?
‘Vorig jaar hebben we al een voorzichtig begin gemaakt met deze formule: een moment waarop kunstenaars in Leiden gekoppeld worden aan invloedrijke personen uit de kunstwereld, maar vooral ook aan elkaar! Er blijkt ontzettend veel behoefte te zijn om bij elkaar in de keuken te kijken en hoewel kunstenaars in Leiden relatief dicht bij elkaar wonen en werken, blijkt dat er tot op heden te weinig van te komen. Hopelijk  wordt de Industry Day een jaarlijks terugkerend fenomeen. Dit jaar was het een samenwerking met Cultuurfonds Leiden onder de titel ‘Tales on Creativity’ passeerden kunstenaars Koen Hauser, Andrea Stultiens, Marjolein van Haasteren, Guido Winkler en Casper Faassen de revue en bood conservator Steven ten Thije heeft het 90-koppige publiek een kijkje in de museumkeuken. We kunnen geloof ik gerust stellen dat er iets broeit in Leiden.’

Industry Day 2013. Foto: Floren van Olden

Industry Day 2013. Foto: Floren van Olden

Industry Day 2013. Foto: Floren van Olden

Industry Day 2013. Foto: Floren van Olden

 

VREEMDE VOGEL IN DE MEELFABRIEK: EEN BEELDVERSLAG

Beeldend kunstenaar Izaak Zwartjes heeft bij de Leidse Meelfabriek op 22 meter hoogte een kunstwerk gebouwd dat als een zwaluwnest tussen twee gebouwdelen geklemd zit. Op dinsdag 10 september is Zwartjes in zijn nest gekropen. Pas vanochtend is hij weer naar beneden gekomen, waar hij werd opgewacht door de pers. Het kunstwerk maakt deel uit van een tentoonstelling van hedendaagse kunst die Museum De Lakenhal deze maand organiseert in het industriële complex van De Meelfabriek. Samenstelling door Meta Knol (directeur Museum De Lakenhal) en Mariska Beljon (kunsthistorica).

lees meer

Deelnemende kunstenaars: Maurice Braspenning, Iemke van Dijk, Hanneke Francken, Marjolein van Haasteren, Koen Hauser, Simone de Jong, Iede Reckman, Inge Reisberman, Maarten Overdijk & Flore de Koning, Guido Winkler en Izaak Zwartjes.

Voor meer informatie, klik hier of volg het Facebook-event, waar de deelnemende kunstenaars live verslag doen van het project.

Het resultaat van deze bijzondere samenwerking is vanaf vandaag tijdens drie weekenden in september voor het publiek te zien.

Locatie: De Meelfabriek. Oosterkerkstraat 16, LeidenData: 14-15, 21-22 en 28-29 september 2013Tijd: 12 tot 17 uur

Het nest aan de Meelfabriek, Leiden

De Meelfabriek, Leiden

Izaak Zwartjes bij zijn nest in aanbouw.

Izaak Zwartjes bij zijn nest in aanbouw.

Het nest aan de gevel van De Meelfabriek in aanbouw.

De pers onderweg voor een interview vanuit het nest.

De pers onderweg voor een interview vanuit het nest.

Izaak Zwartjes in het nest. Foto: Marc de Haan

Izaak Zwartjes in het nest. Foto: Marc de Haan

Het champagne-ontbijt voor het moment dat Izaak Zwartjes na 3 dagen uit zijn nest komt.

Het champagne-ontbijt voor het moment waarop Izaak Zwartjes na 3 dagen uit zijn nest komt.

Izaak Zwartjes weer met beide voeten op de grond.

Izaak Zwartjes weer met beide voeten op de grond.

 

Groene longen kweken

In New York is het Central Park een begrip. In Amsterdam geldt hetzelfde voor het Vondelpark. Een rondje hardlopen, picknicken met vrienden of geliefde, de hond uitlaten: stadsgenoten treffen elkaar in deze groene oases in de grijze stad.

phpThumb_generated_thumbnailjpg (2)

phpThumb_generated_thumbnailjpg (1)

9039913389_a7157d8821_c

Leiden zit vol mensen die dol zijn op bovengenoemde activiteiten. Toen in de gemeente het plan opgevat werd om de singelrand die de historische binnenstad omzoomt om te toveren tot ‘het langste park van Nederland’, werd menigeen dan ook razend enthousiast. De stichting Vrienden van het Singelpark spant zich in om samen met de gemeente en in samenwerking met inwoners en andere organisaties in de stad van de droom werkelijkheid te maken. In de kweektuin worden inmiddels al bomen en vaste planten klaargestoomd voor plaatsing in het park en er zijn al ideeën voor een beeldentuin, leestuin en buurtmoestuin. Het basisplan wordt uitgewerkt door Lola Landscape Architects in Rotterdam en Studio Karst in Zürich: twee jonge bureaus die in juni 2012 een internationale Ideeënwedstrijd wonnen voor het Singelpark.

Boomkweekdag in de kweektuin.

Boomkweekdag in de kweektuin.

Ook Meta Knol, directeur van Museum De Lakenhal, is Vriend en vrijwilliger van het Singelpark. En niet alleen omdat het museum vlakbij de singel ligt, maar ook omdat zij denkt dat de groene zones van het toekomstige park  ’de longen van Leiden’ gaan worden, zo staat te lezen in het interview dat vandaag op de website van de Vrienden verscheen.

Het Singelpark van Meta Knol

Het Singelpark van Meta Knol

Ook ‘Vriendje voor een tientje’ of vrijwilliger worden? Of liever alvast beginnen aan het beeldhouwwerk voor de beeldentuin? Alle goede initiatieven en ideeën zijn welkom bij de Vrienden van het Singelpark. Houd ook de online agenda in de gaten voor leuke en zinnige activiteiten.

What’s Next?

Ook musea kunnen er niet omheen: de wereld om ons heen speelt zich meer en meer af online. Op 13 en 14 mei togen wij, als afgevaardigden van de afdeling Publiek, naar de internationale Museum Next conferentie in Amsterdam. Want inderdaad: what’s next?

Naast het maken van bijzondere tentoonstellingen wordt in musea wereldwijd op allerlei verschillende manieren geprobeerd de collectie en de achterliggende verhalen onder de aandacht te brengen. Eén van de sprekers op de conferentie was Peter Gorgels: internetmanager bij het Rijksmuseum. Vlak voor de heropening van het museumgebouw lanceerden zij niet alleen een fenomenale collectiewebsite, maar ook de Rijksstudio waar je naar hartenlust kunt knippen, plakken, categoriseren, liken en sharen. Nagenoeg alle objecten uit de Rijksmuseumcollectie zijn op hoge resolutie te downloaden: een unicum. Iedereen wordt bovendien uitgenodigd om de kunstwerken te hergebruiken als placemat, tatoeage of telefoonhoes. Al na enkele weken waren 20.000 mensen aan de slag gegaan met Rijksstudio. De webdesigners van Fabrique en de afdeling Internetmanagement van het Rijksmuseum zijn dan ook overladen met prijzen.

421118953236bd19d985b2c1b6ebd302 bd596280b243c89a819757e7ddbaa3d489e4db08_260208_510_285_1 rijksmuseum_1_460px

Ook Museum De Lakenhal werkt aan het verbeteren van haar digitale alter-ego. Uiteraard heeft het museum een eigen website en kan iedereen de collectie online doorzoeken op de collectiesite. We werken eraan om deze twee te optimaliseren zodat de collectie onder de aandacht van een zo groot mogelijk publiek gebracht kan worden. Inspirerende voorbeelden zoals die voorbij kwamen op Museum Next, maar ook in het dagelijks contact met collega-musea, houden ons ondertussen scherp. Uiteraard hoeft niet ieder museum zijn digitale strategie zo bombastisch aan te pakken als de collega’s in Amsterdam, maar van de waardering die het Rijksstudio-project heeft opgeleverd kunnen we allemaal veel leren.

Bijvoorbeeld:

  1. Content = key: musea en collecties blijven ook in deze tijd voedingsbodem voor inspiratie en plezier.
  2. Houd online trends goed in de gaten. Bestaande succesformules als Pinterest kunnen aan de basis staan van een hoogwaardig en populair nieuwe product.
  3. Durf oude normen los te laten en zorg ervoor dat de hele staf van het museum deze stap steunt.

Een veelgehoord kritiekpunt, bijvoorbeeld toen in 2011 het Google Art Project  van start ging, is dat het online ontsluiten van collecties zorgt voor een vernietiging van het ‘aura’ van een collectiestuk. Mensen zouden  na het zien van de online afbeelding niet meer de behoefte hebben het object 1-op-1 in een museum te gaan ervaren. Vooralsnog duiden de bezoekersaantallen van het nieuwe Rijksmuseum er gelukkig echter op dat de kunstliefhebber niet simpelweg genoegen neemt met de online variant van zijn lievelingswerk.

En wat vindt u? Wat voegen digitale projecten toe aan het museumwezen? Reageer via onze collectiesite of door een e-mail te sturen naar pr@lakenhal.nl

Milou van Oene, medewerker Communicatie | Publiciteit 


Van Gogh in Google Art Project

Van Gogh in Google Art Project

Moeders zijn van alle tijden

Zondag is het Moederdag. In Museum De Lakenhal krijgen moeders op deze speciale 12de mei gratis toegang tot het museum. Als dat geen mooi cadeau is! Het museum is geopend van 12 tot 17 uur. Kijk voor meer informatie op www.lakenhal.nl

In de erezaal van het museum hangen verschillende werken waarop één van de belangrijkste moeders uit de (kunst)geschiedenis te zien is: Maria, de moeder van Jezus. Kijkt u even mee? Voor nog meer moeders uit de collectie, zie onze Pinterest pagina.

Cornelis Engebrechtsz. en werkplaats, detail uit: De Kruisdraging (ca. 1468-1529) Collectie Museum De Lakenhal

Cornelis Engebrechtsz. en werkplaats, detail uit: De Kruisdraging (ca. 1468-1529) Collectie Museum De Lakenhal

Aertgen van Leyden, detail uit: Het Laatste Oordeel (ca. 1535)  Collectie Museum De Lakenhal

Aertgen van Leyden, detail uit: Het Laatste Oordeel (ca. 1535) Collectie Museum De Lakenhal

Anoniem | Noord-Nederlandse meester, detail uit: Christus aan het kruis (ca. 1520) Collectie Museum De Lakenhal

Anoniem | Noord-Nederlandse meester, detail uit: Christus aan het kruis (ca. 1520) Collectie Museum De Lakenhal

Cornelis Engebrechtsz., detail uit: De bewening van Christus (1508-10) Collectie Museum De Lakenhal

Cornelis Engebrechtsz., detail uit: De bewening van Christus (1508-10) Collectie Museum De Lakenhal

Cornelis Engebrechtsz., detail uit: De Kruisiging met heiligen (ca. 1505-10) Bruikleen Rijksmuseum Amsterdam

Cornelis Engebrechtsz., detail uit: De Kruisiging met heiligen (ca. 1505-10) Bruikleen Rijksmuseum Amsterdam

Cornelis Engebrechtsz., detail uit: De Kruisiging van Christus (ca. 1515-17) Collectie Museum De Lakenhal

Cornelis Engebrechtsz., detail uit: De Kruisiging van Christus (ca. 1515-17) Collectie Museum De Lakenhal

De ‘Leidse sarcofaag’

In de collectie van Museum De Lakenhal bevinden zich de meest uiteenlopende kunstwerken en objecten, bijna allemaal met een directe link naar Leiden. Leidenaren zijn erg betrokken bij hun stad en de bijbehorende roemruchte geschiedenis. Gezien Museum De Lakenhal hét Leidse museum voor kunst, kunstnijverheid én geschiedenis is, worden van tijd tot tijd niet alleen kunstwerken, maar ook bijzondere bodemvondsten aan het museum geschonken. Zo ook dit 7de-eeuwse fragment van een sarcofaagdeksel. Een bijzonder geval, want christelijke sarcofagen komen in de 7de eeuw  nog helemaal niet voor in deze toen nog ongekerstende contreien.

De 'Leidse sarcofaag'

De ‘Leidse sarcofaag’

In 1983 wordt door studenten die aan het Rapenburg nummer 50 wonen een flink stuk steen gevonden. Het gevaarte weegt 300 kilo en blijkt na een diepgaand onderzoek onder eerdere bewoners al sinds het begin van de 20ste eeuw achter de klimop te staan. Omdat de bewerkte kant al die tijd naar de muur gericht was, had niemand de steen op waarde geschat. Tot die bewuste septemberdag in 1983 dus. De kruisvormige decoraties duiden op een bijzondere vondst: een gedeelte van een sarcofaagdeksel, vermoedelijk uit de Merovingisch-Karolingische periode (ca. 750-1000). In Nederland is niet eerder een soortgelijke vondst gemeld. Het is één van de oudste voorwerpen van na de Romeinse tijd ooit in Leiden aangetroffen. De Stichting Studentenhuisvesting te Leiden, de rechtmatige eigenaar van de vondst, besluit de eeuwenoude steen in 1985 te schenken aan Museum De Lakenhal.

In de 7de eeuw bestond hier nog geen christelijke begrafenistraditie. Het fragment is echter onomstotelijk onderdeel van een sarcofaag en moet dus op een later tijdstip en in een andere hoedanigheid in Leiden terecht gekomen zijn. Het meest voor de hand ligt dat het fragment in later tijd als rariteit naar Leiden is gebracht, waarschijnlijk al in de 10de-11de eeuw.

Vergelijkbaar item in collectie Salvatorkerk Utrecht

Fragment sarcofaagdeksel, 7de eeuw. Collectie Museum De lakenhal.2jpg

Schematische tekening van het fragment van de Leidse sarcofaag.